Klimaatmaatregelen levert miljoenen banen opBRUSSEL - De wereld behoeden voor de ergste rampen als gevolg van klimaatverandering is een win-win-operatie.
Het gaat geld kosten – ongeveer drie euro per week per Europeaan – maar er komen ook duizenden bedrijven bij, en miljoenen banen.
Dat belooft Brussel in een nadere uitwerking van het Europese klimaatbeleid, het veruit omvangrijkste en politiek moeilijkste dossier dat Europa de komende jaren op zijn agenda heeft.
Tegen 2020 (alles staat in het teken van dat getal) moet Europa gemiddeld 20 procent minder CO2 uitstoten, 20 procent energie besparen en 20 procent van zijn energie duurzaam opwekken.
Op twee grote klimaatconferenties eind dit jaar en eind volgend jaar wil Europa proberen ook de rest van de industriële wereld (Amerika, China, India) op die lijn te krijgen. De kosten van niets doen zijn oneindig veel hoger, aldus Commissievoorzitter Barroso gisteren in zijn presentatie.
In plaats van minder dan een half procent van het Europese bruto nationaal product (bnp), kunnen ze dan oplopen tot 20 procent van het Europese bnp, aldus de Britse econoom Nicolas Stern, nu één van zijn topadviseurs. Barroso zelf omschreef het klimaat-wetgevingspakket als de ultieme politieke test voor onze generatie en dé uitdaging van de 21ste eeuw.
De afgelopen weken gingen diverse leiders bij de Commissie langs om hun nationale reductiedoelstelling omlaag te praten. Brussel stelt die eenzijdig vast. Daarna is het aan de lidstaten om te bepalen met welke maatregelen ze hun doelstelling willen halen. Zo loopt er al een zeker een jaar een geharnaste discussie met Frankrijk, dat zijn talrijke kerncentrales ook als duurzaam erkend wil zien. Brussel weigert dat. Kernsplijting levert weliswaar geen CO2 op, maar belast het milieu wel langdurig met haar kernafval.
Pijler onder het Europese beleid is de emissiehandel. Die stelt vervuilers in staat om hun CO2-reducties zo goedkoop mogelijk te realiseren, desnoods helemaal aan het andere eind van de wereld. China helpen om schone kolencentrales te bouwen bijvoorbeeld is veel effectiever dan de raffinage in de Botlek tegen extreem hoge kosten nog een streepje schoner maken.
Nu al doen zo’n tienduizend Europese bedrijven mee aan de emissiehandel. Inclusief elektriciteitscentrales, olieraffinaderijen en staalbedrijven zijn zij verantwoordelijk voor zowat de helft van de Europese CO2-uitstoot.
De opbrengst van de emissierechten, volgens Brussel tegen 2020 zo’n 50 miljard euro per jaar, gaat naar de lidstaten, die dat geld weer moeten inzetten voor duurzame energie. Die beloopt nu 8,5 procent van de totale stroomproductie en moet dus nog 11,5 procent omhoog. In één moeite door vermindert Europa sterk zijn afhankelijkheid van gas- en olie-importen van buiten Europa.
Felle kritiek bleef gisteren niet uit. Bedrijven en zelfs hele sectoren zijn bang voor hun concurrentiepositie, temeer omdat op zijn vroegst eind volgend jaar pas duidelijk wordt of de grote industrielanden buiten Europa ook meedoen. Daartegenover staat de milieubeweging, die de geplande reducties nog veel te laag vindt en Brussel verwijt dat het de CO2-markt verpest door een deel van de vervuilingsrechten nog gratis weg te geven.
Zij maakt zich grote zorgen over de bijmenging van 10 procent biobrandstof in het vracht- en personenvervoer. Die zou het milieu nauwelijks helpen en tegelijkertijd wel de prijzen van voedsel de lucht injagen.
bron: ad.nl