Het vuurwerk en de hele feestdagenkoorts slaat door.
Als je vroeger een paar goedkope sier vuurwerkpotten had en wat vuurpijlen vond iedereen het prachtig. Tegenwoordig moet iedere straat z'n eigen Chinese rol hebben (minstens) en hebben particulieren de beschikking over professionele vuurpijlen die niet zouden misstaan bij de olympische spelen van China.
Ook waren rotjes en astronauten vroeger het knalvuurwerk voor de jeugd. Toen kwamen de strijkers, toen de nitraten en lawinepijlen en tegenwoordig complete vlinderbommen en oefengranaten. De illegale handel doet goede zaken.
En het is niet alleen het vuurwerk. Ook op tafel moet alles meer, meer, meer.
Was het vroeger gezellig met een glas wijn, een pilsje en een paar kleine hapjes of oliebollen.
Tegenwoordig tel je niet meer mee als je niet, én oliebollen én (gluh)wijn, én bier, én champage én salades én gerookte vis én een warm- of koud buffet én én én hebt.
Ik ga wel eens op vakantie naar Oostenrijk rond de jaarwisseling. En daar is het oud-en-nieuw gewoon nog een ingetogen, bescheiden gezellig feest. Ook wordt er een minimum aan vuurwerk afgestoken.
Maar misschien is het daar ook te koud om buiten te staan. En is het niet verstandig om grote klappers tot ontploffing te brengen (ivm lawine gevaar).
Maar als we misschien nog meer vuurwerk afsteken, zorgt het broeikas er vanzelf voor dat men straks in Oostenrijk ook lekker kan knallen, zonder sneeuw en kou.
