Nederlandse onderzoekers lanceren nieuwe theorie over ontstaan van de maan
‘Maan is brokstuk van de aarde’
De maan is 4,5 miljard jaar geleden weggeschoten uit de aarde. Dat stellen twee Nederlandse onderzoekers deze maand in het populairwetenschappelijke maandblad Natuurwetenschap & Techniek.
Volgens de Groningse nucleair-fysicus Rob de Meijer en de Amsterdamse petroloog Wim van Westrenen is de maan ontstaan door een uit de hand gelopen kernreactie, diep binnenin de aarde. Uit berekeningen van de twee blijkt dat dergelijke spontane kernreacties diep in de prehistorie mogelijk waren binnenin de aarde.
“Daardoor werd al het gesteente gasvormig”, aldus De Meijer in Natuurwetenschap & Techniek. “Er ontstond letterlijk een grote gasbel in een vloeibare soep. Als je een pan met soep op het vuur zet, komen er ook luchtbellen naar boven spatten.”
Vlak nadat de maan uit de aarde wegschoot, stond hij veel dichterbij dan vandaag: honderdduizend kilometer in plaats van de huidige 380.000 kilometer. De maan drijft nog altijd ieder jaar iets verder weg van de aarde.
Hoe de maan is ontstaan, is nog altijd een raadsel. De meeste onderzoekers geloven dat de maan 4,5 miljard jaar geleden ontstond nadat de oeraarde botste met een planeet ter grootte van Mars. Waterdicht is die theorie echter niet. Zo bestaat de maan uit vrijwel precies hetzelfde gesteente als de aardmantel. Dat doet vermoeden dat ze ooit één waren.
De Nederlandse onderzoekers denken dat de kernreactie plaatsvond op de grens van de aardkern en de aardmantel, op zo’n 3000 kilometer onder onze voeten. Daar bevindt zich de zogenaamde D”-laag, een soort rimpelige schil om de ‘pit’ van de aarde. “In die laag blijken hoge concentraties uraan en thorium voor te komen, de brandstoffen voor de georeactor”, aldus De Meijer in Natuurwetenschap & Techniek.
De Meijer hoopt binnenkort aan te kunnen tonen of er nog steeds kernreacties in de planeet gaande zijn. De enige manier om georeactoren op het spoor te komen, is door de antineutrino’s (minuscule spookdeeltjes) die ze uitzenden, met een detector te vangen. De Meijer is al een paar jaar bezig met het ontwerp van zo’n antineutrinodetector. Volgend jaar hoopt hij een prototype te kunnen gaan bouwen.
De onderzoekers achter het overigens uitgesloten dat er nogmaals een maan wegvliegt uit de aarde. “Er is onvoldoende energie om een tweede maan te lanceren,” aldus De Meijer in Natuurwetenschap & Techniek.