Waterstof wordt opgeslagen onder een druk van 40 bar.
De huidige materialen (koolstofvezels en metalen), kunnen deze druk met 'gemak' weerstaan.
Ze hebben ook proeven gedaan met waterstofauto's.
Ze hebben de auto's opgehijst en van enkele tientallen meters laten vallen. Dit simuleert een botsing bij grote snelheid.
De waterstoftank was enigzins vervormd, maar niet gescheurd of kapot.
Dit in tegenstelling tot conventionele auto's met een (lpg)gastank.
Een ander bijkomend voordeel: Waterstof is erg licht en vluchtig.
Als een waterstof tank zou scheuren, dan is de waterstof binnen no-time weg van de plaats van het ongeluk. En als het ontbrand, is dit boven het voertuig, en niet eronder.
Benzine daarentegen, is zwaarder dan lucht, en levert veel meer brand- en explosiegevaar. En benzine blijft dan ook nog onder de auto hangen, met alle gevolgen van dien.